article banner
direct tax

De fiscale behandeling van meerwaarden op cryptovaluta in de personenbelasting

Bernd Sebrechts Bernd Sebrechts

Cryptovaluta, waarvan de bitcoin de meest bekende is, is tot op vandaag een hot topic met de nodige voor- en tegenstanders. Dankzij de media-aandacht hebben steeds meer mensen cryptomunten aangekocht als ‘beleggingsproduct’. Omdat de fiscale wetgeving deze nieuwe hype niet heeft kunnen bijbenen, bestaat er vandaag de dag nog geen specifiek fiscaal regime voor de eventuele meerwaarden gerealiseerd naar aanleiding van transacties met cryptovaluta. Hierdoor rijst vaak de vraag of deze meerwaarden belastbaar zijn en, zo ja, hoe deze moeten worden aangegeven en wat de fiscale behandeling ervan is.

Het begrip ‘cryptovaluta’

Een algemeen aanvaarde omschrijving voor dit begrip kent het gemeen recht nog niet. Weliswaar hebben bepaalde instanties een definitie gegeven aan het begrip ‘cryptovaluta’. Zo kan het onder meer worden omschreven als een digitale voorstelling van waarde die beoogt een peer-to-peer alternatief te vormen voor een door de overheid uitgegeven wettelijk betaalmiddel dat gebruikt wordt als algemeen ruilmiddel (onafhankelijk van enige centrale overheid), die beveiligd is door cryptografie en omgezet kan worden in wettelijke betaalmiddelen (en omgekeerd). De technische achtergrond met betrekking tot cryptovaluta (distributed ledgers, blockchain, hashes…) wordt in deze bijdrage niet behandeld.

De fiscale behandeling van ‘cryptovaluta’

We zeiden het al: er bestaat nog geen specifiek fiscaal kader voor de meerwaarden gerealiseerd met ‘cryptovaluta’. Dit wil weliswaar niet zeggen dat deze meerwaarden hierdoor steeds vrij zijn van belastingen. Er bestaat namelijk reeds een algemeen fiscaal kader met betreking tot beleggingsproducten, waardoor de meerwaarden op cryptovaluta op dezelfde manier zullen worden behandeld als deze die voortkomen uit andere beleggingen. Bijgevolg kunnen we de volgende drie situaties onderscheiden:

Normaal beheer van het privévermogen

Een persoon kan op basis van recente koersontwikkelingen van cryptovaluta beslissen om ook zelf te investeren in cryptomunten, in de overtuiging dat hierdoor een betere spreiding van zijn beleggingsportefeuille wordt gerealiseerd. Hij schaft daarom cryptomunten aan om deze een bepaalde tijd in portefeuille te houden. Wanneer de cryptovaluta na een bepaalde periode worden verkocht met een meerwaarde, rijst de vraag of deze meerwaarde belastbaar is in de personenbelasting. Hier geldt het algemene principe dat deze meerwaarde in principe belastingvrij zal zijn, indien deze gerealiseerd wordt binnen het kader van een normaal beheer van het privévermogen.

Indien de persoon in kwestie zijn privévermogen enkel heeft belegd met het oog op het beheer en vergroten van dit vermogen, dan spreken we van een normaal beheer van een privévermogen. De belastingadministratie draagt de bewijslast indien deze van mening is dat de transactie geen normaal beheer van privévermogen uitmaakt. Weliswaar dient het begrip niet te worden geïnterpreteerd dat het steeds moet gaan over een volstrekt gewone en volledig risicovrije handeling. Er kan immers van een zorgvuldig handelend persoon worden verwacht dat deze goed geïnformeerd is en op een efficiënte manier zijn privévermogen wil doen groeien en bereid is tot het nemen van bepaalde, berekende risico’s.

Speculatie

Het spreiden van de risico’s in een beleggingsportefeuille is niet voor iedereen de reden om cryptomunten aan te schaffen. Soms worden de munten ook aangeschaft om op korte termijn grote winsten te realiseren, waardoor wordt gespeculeerd op een snelle en sterke koersstijging. Speculatie is het tegenovergestelde van normaal beheer van het privévermogen, aangezien een goede huisvader zijn vermogen normaal gezien niet blootstelt aan dergelijk ‘groot’ risico.

Wanneer er wordt geconcludeerd dat er sprake is van speculatie, zullen de meerwaarden worden belast als een divers inkomen aan een afzonderlijk tarief van 33% (exclusief gemeentelijke opcentiemen). In dat geval kunnen de werkelijke kosten en lasten die werden gedaan of gedragen om de inkomsten te verkrijgen of te behouden, in mindering worden gebracht van de belastbare basis. Bovendien, als de verrichtingen in een bepaald inkomstenjaar globaal genomen een negatief saldo vertonen (dat wil zeggen, een verlies), dan is het in principe mogelijk om dat verlies af te trekken van de (crypto)meerwaarden die tijdens de volgende vijf belastbare tijdperken werden gerealiseerd en belastbaar zijn als diverse inkomsten.

Beroepsactiviteit

Als de verrichtingen voldoende talrijk zijn en professioneel worden georganiseerd met behulp van bepaalde activa (en passiva, bijvoorbeeld leningen), kunnen de verwezenlijkte meerwaarden op de cryptovaluta mogelijks worden aanzien als beroepsinkomsten (winsten). Dit zal onder meer het geval zijn wanneer op een regelmatige basis actief cryptomunten worden aan- en verkocht (zogenaamd ‘traden’). Ook wordt gekeken naar het beroep van de persoon zelf, met name of deze reeds actief is in de cryptowereld (bijvoorbeeld men geeft lezingen over investeren in cryptovaluta, men beheert cryptoportefeuilles van derden, men doet actief aan mining van cryptovaluta…).

De verkregen meerwaarden zullen worden belast als ‘winsten’ aan de progressieve tarieven in de personenbelasting (tot 50%, exclusief gemeentelijke opcentiemen). Weliswaar word je enkel belast op de nettowinst, na aftrek van de werkelijke beroepskosten (of 30% forfaitaire kosten indien de werkelijke kosten lager zouden zijn). Verliezen geleden in het jaar zijn aftrekbaar van andere belastbare beroepsinkomsten of onbeperkt in de tijd overdraagbaar. Je moet er echter wel rekening mee houden dat, indien je een structureel verlieslatende activiteit beoefent waar je geen zicht heeft op enig toekomstig belastbaar inkomen, de fiscus de ‘beroepsmatigheid’ van deze activiteit ter discussie kan stellen.

Bovendien zal je ook rekening moeten houden met bijkomende verplichtingen, zoals de registratie als zelfstandige en de betaling van de sociale bijdragen.

Dienst voor voorafgaande beslissingen (rulingcommissie)

Omdat het verschil tussen ‘normaal beheer van het privévermogen’, ‘speculatie ‘of ‘beroepsactiviteit’ niet altijd duidelijk is, heeft de rulingcommissie een vragenlijst gepubliceerd om na te gaan of de meerwaarden voortkomend uit de verkoop van cryptovaluta, al dan niet belastbaar zijn[1]. Onder meer volgende zaken worden bekeken om te concluderen tot de eventuele belastbaarheid:

  • je handelt met behulp van een (al dan niet zelf) ontwikkelde applicatie
  • je hebt een significant aandeel van het roerend vermogen geïnvesteerd in cryptovaluta
  • de investeringen werden verricht via een cryptocurrency saving fund of met geleende gelden
  • er werd beroep gedaan op advies van professionelen uit de financiële en/of informaticasector
  • de beleggingsstrategie ‘buy and hold’ wordt niet toegepast

Indien je twijfelt over de belastbaarheid van je gerealiseerde meerwaarden uit cryptovaluta, kan je dit dus voorleggen bij de rulingcommissie door de vragenlijst in te vullen. De rulingcommissie zal op basis hiervan nagaan of er al dan niet sprake is van een belastbaar inkomen.

Conclusie

De fiscale behandeling van de meerwaarden van cryptovaluta in de personenbelasting verschilt naargelang de feiten en omstandigheden. In het kort kunnen we stellen dat:

  • Meerwaarden die kaderen in het normaal beheer van het privévermogen (handelend als een zorgvuldig persoon) zijn niet belastbaar en moeten niet worden opgenomen in de aangifte personenbelasting. Aangezien hieromtrent mogelijks discussie kan ontstaan, is het verstandig om de nodige onderbouwing van niet-aangifte reeds te voorzien.
  • Meerwaarden met een speculatief karakter kunnen spontaan worden opgenomen in de aangifte personenbelasting, rekening houdend met de werkelijk gedane kosten en eventuele minderwaarden. Op het nettobedrag is een afzonderlijk tarief van 33% van toepassing (exclusief gemeentelijke opcentiemen).
  • Meerwaarden verwezenlijkt door het actief aan- en verkopen van cryptomunten op regelmatige basis met de nodige investeringen (en financieringen) kunnen worden gekwalificeerd als beroepsinkomsten (winsten). Deze inkomsten moeten worden aangegeven rekening houdend met de werkelijke kosten (of indien interessanter, 30% forfaitaire kosten) en (overgedragen) verliezen. De nettowinst is belastbaar aan de progressieve tarieven in de personenbelasting (max. 50%, exclusief gemeentelijke opcentiemen).

 

Nog vragen na het lezen van deze bijdrage? Neem gerust vrijblijvend contact op.

 

[1] DIENST VOORAFGAANDE BESLISSINGEN, Vragenlijst Cryptomunten, 13 januari 2022, https://www.ruling.be/sites/default/files/content/download/files/vragenlijst_cryptomunten_nl_2022.pdf.