Indien een werknemer zijn privéwagen gebruikt voor beroepsmatige verplaatsingen, dan kan de werkgever een forfaitaire kilometervergoeding toekennen. Deze vergoeding is vrijgesteld van personenbelasting en sociale zekerheidsbijdragen. We overlopen kort de belangrijkste aandachtspunten.

Forfaitair bedrag

Het bedrag van de forfaitaire kilometervergoeding wordt jaarlijks geïndexeerd:

  • van 1/7/2020 tot 30/6/2021: €0,3542
  • van 1/7/2021 tot 30/6/2022: €0,3707

Deze vergoeding dekt alle kosten van onderhoud, verzekering, brandstof, enzovoort.

Een hogere vergoeding is mogelijk, indien men kan aantonen dat de werkelijke kost hoger is. Ook wanneer er meer dan 24.000 kilometer per jaar vergoed wordt, vereist de fiscus dat de werkelijke autokosten worden bewezen.

Beroepsmatige verplaatsingen

Het moet gaan om beroepsmatige verplaatsingen zoals het bezoeken van klanten en leveranciers.  Verplaatsingen van de woonplaats naar de werkplaats en omgekeerd (‘woon-werkverkeer’) zijn geen beroepsmatige verplaatsingen.

Een kilometervergoeding die wordt toegekend voor woon-werkverkeer, is dan ook principieel een belastbare vergoeding (die echter wel vrijgesteld is van sociale zekerheidsbijdragen).

Tenslotte merken we nog op dat de ‘vaste plaats van tewerkstelling’ eveneens de plaats is “waar de aanwezigheid van de werknemer gedurende het belastbare tijdperk 40 dagen of meer bedraagt”. Bijgevolg zijn verplaatsingen hiernaartoe eveneens woon-werkverkeer die niet in aanmerking komen voor vrijstelling van belastingen.

Aftrekbaarheid in hoofde van de werkgever

In hoofde van de werkgever is de kilometervergoeding aftrekbaar volgens de normale regels voor de autokosten. Slechts een deel van deze vergoeding is met andere woorden fiscaal aftrekbaar (40% tot 100%, afhankelijk van de CO2-uitstoot).

Verplaatsingen met de fiets

Voor beroepsverplaatsingen én woon-verkeer met de fiets aanvaarden de fiscus en de RSZ een kilometervergoeding van €0,24 (die volledig aftrekbaar is in hoofde van de werkgever).