Private Client Services

De nieuwe verplichtingen voor de maatschap

Een maatschap is een juridisch transparante vennootschapsvorm, geknipt voor diverse samenwerkingsvormen. Het is ook een frequent gebruikt controlevehikel in het kader van een vermogensplanning, bijvoorbeeld bij schenking van aandelen in een familiale vennootschap of een effectenportefeuille en dergelijke meer. Door het vermogen onder te brengen in een maatschap kan de schenker, als zaakvoerder van de maatschap, ook na schenking het geschonken vermogen verder beheren. Het wordt dan een soort overeenkomst om samen met anderen iets te bezitten - een vorm van extra gereglementeerde mede-eigendom dus.

De maatschap is op vandaag niet aan vorm- of publiciteitsvereisten onderworpen en kan heel eenvoudig onderhands worden opgericht. De oprichters hoeven geen beroep te doen op een notaris, tenzij ze een Belgisch onroerend goed in de maatschap zouden inbrengen. In principe volstaat zelfs een mondelinge overeenkomst tussen minstens twee personen, maar uiteraard is het verkieslijk een schriftelijk document op te stellen, om de afspraken achteraf te kunnen bewijzen.

Door de Wet van 15 april 2018 houdende de hervorming van het ondernemingsrecht zal de maatschap voortaan als een onderneming worden beschouwd. Dit heeft een aantal belangrijke juridische en boekhoudkundige gevolgen:

  1. Elke maatschap zal moeten worden ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO). De KBO is een databank van de FOD Economie waarin alle basisgegevens van 'ondernemingen' zijn opgenomen. Een deel van de gegevens die in de KBO zijn opgenomen, zijn publiek toegankelijk (en dus voor iedereen zichtbaar). Andere gegevens zijn enkel zichtbaar voor overheidsdiensten en de onderneming zelf. De verplichte registratie van maatschappen in de KBO geldt vanaf 1 november 2018. Bestaande maatschappen krijgen echter de tijd om dit te doen tot 30 april 2019.
  2. Vanaf 1 november 2018 zal de maatschap ook verplicht zijn om een boekhouding te voeren. Het gaat in principe om een dubbele boekhouding. Bestaande maatschappen zouden echter voor het eerst een boekhouding moeten voeren vanaf het eerste volledige boekjaar dat aanvangt na 30 april 2019. Maatschappen waarvan de omzet €500.000 niet overschrijdt, zouden zich in principe kunnen beperken tot het voeren van een vereenvoudigde boekhouding. Een vereenvoudigde boekhouding bestaat uit een aankoopboek, een verkoopboek, een financieel dagboek en een inventarisboek. Op basis van de dagboeken en de inventaris moet er dan een jaarrekening worden opgemaakt, die echter niet neergelegd en gepubliceerd dient te worden.
  3. Maatschappen worden voortaan ook verplicht hun boeken gedurende minstens zeven jaar te bewaren.
  4. Iedere maat van een maatschap zal voor het geheel van de schulden van de maatschap kunnen worden aangesproken. Omdat het onderscheid tussen commerciële en burgerlijke maatschappen wordt opgeheven door de hervorming van het ondernemingsrecht, wordt het aansprakelijkheidsregime (dat op heden enkel van toepassing is op de maten van een commerciële maatschap) uitgebreid.

Vanaf 1 november 2018 zullen nieuw op te richten maatschappen dus rekening dienen te houden met de gewijzigde regels. Zij zullen meteen inschrijving moeten nemen in de KBO en een gepaste boekhouding moeten voeren.

Zaakvoerders van bestaande maatschappen, die reeds actief zijn op 1 november 2018, treffen ook best nu reeds de nodige voorbereidingen. Zo is na te gaan in welke mate de administratie, zoals die thans door de maatschap wordt gevoerd, zou kunnen volstaan om aan de toekomstige boekhoudverplichtingen te voldoen. Indien gewenst kan ons Private Client Services-team de impact van deze nieuwe wetgeving op uw concrete situatie bekijken.