Direct tax

Effectentaks 2.0: taks op het verantwoord sparen

U heeft er wellicht al van gehoord, de ‘nieuwe’ taks op effectenrekeningen. Hoewel op dit moment de Kamer het wetsontwerp nog finaal moet goedkeuren, is het vrij zeker dat de taks er zal komen.

Maar wat houdt deze nieuwe taks op effectenrekeningen in en waarin verschilt deze van zijn voorganger? Het zou alleszins niet de bedoeling zijn om de oude effectentaks te remediëren in functie van het arrest van het Grondwettelijk Hof, maar wel om een nieuwe ‘abonnementstaks’ in te voeren op basis van een nieuwe set aan principes.

Korte terugblik: de vernietigde effectentaks

De eerste effectentaks was geen lang leven beschoren. De taks werd in het Zomerakkoord van de regering Michel in 2017 geïntroduceerd, maar werd door het Grondwettelijk Hof in 2019 al weer naar de prullenbak verwezen.

Deze oude effectentaks werd geheven op Belgische en buitenlandse effectenrekeningen voor zover de gemiddelde belastbare waarde van de rekening minstens €500.000 bedroeg. De taks was niet zo maar van toepassing op alle titularissen van een effectenrekening: levensverzekeringen (Tak 23) en pensioenspaarfondsen werden onder andere vrijgesteld. Bovendien waren heel wat financiële instrumenten uitgesloten van het toepassingsgebied van de effectentaks.

Oversteeg de gemiddelde belastbare waarde van de effectenrekening het grensbedrag van €500.000, dan was er 0,15% effectentaks verschuldigd. Er waren echter heel wat ontsnappingsmogelijkheden, zoals het opsplitsen van effectenrekeningen, het in onverdeeldheid brengen van een effectenrekening… Hierdoor werd de totale waarde van de effectenrekening gesplitst over meerdere titularissen, waardoor veel effectenrekeningen onder de grens van €500.000 bleven.

De effectentaks 2.0

Hoewel de nieuwe taks op effectenrekeningen hoegenaamd geen remediëring van zijn voorganger zou zijn, zien we toch dat de regering zich duidelijk heeft geïnspireerd op de vernietigde effectentaks. Naast een ‘copy paste’ van enkele oude principes (onder andere het tarief en de berekeningswijze van de taks), zijn er toch een aantal nieuwigheden te bespeuren in het wetsontwerp. Een kort overzicht.

Een verruimd toepassingsgebied

De nieuwe effectentaks kenmerkt zich door een verruimd toepassingsgebied. Zo zal de effectentaks voortaan ook van toepassing zijn op vennootschappen met of zonder rechtspersoonlijkheid en de oprichters van juridische constructies. Met andere woorden: ook effectenrekeningen van maatschappen en verenigingen zoals vzw’s en stichtingen komen in het vizier van de nieuwe taks.

De taks zal steeds verschuldigd zijn wanneer de gemiddelde waarde van de effectenrekening het grensbedrag van 1 miljoen euro overschrijdt, ongeacht het aantal co-titularissen, eventuele onverdeeldheden of andere eigendomsrechten. De mogelijkheid die vroeger bestond om aan de taks te ontsnappen door de effectenrekening te spreiden over meerdere titularissen, wordt hiermee aan banden gelegd. Daarom spreekt men ook van een ‘abonnementstaks’.

Naast de tak 23-levensverzekeringen leek het er even op dat ook de tak 23-pensioenspaarproducten (wat betreft de derde pijler) niet langer zouden worden uitgesloten van de effectentaks. Op 28 januari is hier weliswaar enige verduidelijking rond gekomen. Enkel de pensioenspaarverzekering tak 23 zal onderworpen worden aan de nieuwe effectentaks.[1]

Bovendien worden deze keer alle financiële instrumenten (inclusief geldmiddelen) aangehouden op een effectenrekening, mee in aanmerking genomen in de beoordeling van de grens van €1.000.000. Aandelen op naam die niet worden aangehouden op dergelijke effectenrekeningen, worden alsnog vrijgesteld.

Of de gemiddelde waarde het grensbedrag van 1 miljoen euro overschrijdt, wordt beoordeeld aan de hand van een referentieperiode van 12 maanden, beginnend op 1 oktober en eindigend op 30 september van het volgende jaar.

Bij het overschrijden van dit grensbedrag zal een taks van 0,15% worden geheven over de totale gemiddelde waarde van de rekening. Om echter te voorkomen dat door de heffing de waarde van de effectenrekening onder de grens van €1.000.000 zakt, voorziet de wet in een correctie waarbij de taks moet worden beperkt tot 10% van het verschil tussen de gemiddelde waarde van de rekening en de grens van 1 miljoen euro.

Nieuwe antimisbruikbepaling

Het invoeren van de effectentaks gaat bovendien gepaard met de introductie van een nieuwe algemene antimisbruikbepaling in het Wetboek van diverse rechten en taksen. Deze bepaling is quasi identiek aan de antimisbruikbepaling zoals ingeschreven in het Wetboek van de Inkomstenbelastingen. Wel opmerkelijk is de retroactieve inwerkingtreding vanaf 30 oktober 2020. Wie dacht om voor de invoering van de effectentaks bijvoorbeeld snel nog zijn effectenrekening op te splitsen om onder de drempel van €1.000.000 te blijven, komt dus terug van een kale reis.

Wat te ondernemen?

Uiterlijk de laatste dag van de maand die volgt op het einde van de referentieperiode (d.i. 31 oktober) moet er een aangifte gebeuren van de effectentaks. De taks zelf dient uiterlijk op 31 augustus van het jaar volgend op het einde van de referentieperiode te worden betaald.

De Belgische tussenpersonen zullen de aangifte indienen, de taks inhouden en betalen. Wanneer een effectenrekening wordt aangehouden bij een buitenlandse tussenpersoon, is deze tussenpersoon niet gehouden om de formaliteiten met betrekking tot de effectentaks te voldoen, waardoor de verantwoordelijkheid ligt bij de titularis(sen) zelf.

To be continued…

Hoewel het wetsontwerp nog finaal moet worden gestemd in de Kamer, is de taks reeds fel besproken door menig fiscalist. Eén van de grote vragen is of de taks dit keer wel de grondwettelijkheidstoets zal doorstaan. De toekomst zal dit verder moeten uitwijzen. Eén ding is zeker, de regering is er duidelijk op gebrand om de effectentaks in te voeren. We volgen de verdere ontwikkelingen voor u op de voet.

Heeft u na het lezen van deze bijdrage nog vragen over de effectentaks en de impact voor uw persoonlijke situatie? Aarzel dan niet om contact op te nemen met ons Private Client Services team.

 

[1] Verslag over het wetsontwerp houdende de invoering van een jaarlijkse taks op de effectenrekeningen op 28 januari 2021, Parl.St. Kamer 2020-21, nr. 55-1708/3, 10-11.