Direct Tax

Vooruitbetaalde kosten en voorzieningen - mogelijkheden ingeperkt

Bart Verstuyft Bart Verstuyft

Door het aanleggen van een 'voorziening' kan u geplande kosten of investeringen reeds boeken vooraleer u ze effectief betaalt. Door het betalen van 'vooruitbetaalde kosten' daarentegen kan u kosten die boekhoudkundig aan een volgend boekjaar toebehoren, fiscaal onmiddellijk in kosten nemen. Sinds de hervorming vennootschapsbelasting worden voortaan beide mogelijkheden beperkt omwille van het zogenaamde 'matchingprincipe'.

Voorziening voor risico's of kosten

Voorzieningen zijn slechts aftrekbaar mits ze worden geboekt om het hoofd te bieden aan 'scherp omschreven verliezen of kosten, die volgens de aan de gang zijnde gebeurtenissen waarschijnlijk zijn'. Voorzieningen voor een algemeen en hypothetisch risico zijn dus niet aftrekbaar.

Vanaf dit jaar moet een voorziening daarenboven dienen om de kosten te dekken van een op balansdatum bestaande contractuele, wettelijke of reglementaire verplichting. Als gevolg van deze verstrenging zal het bijvoorbeeld niet meer mogelijk zijn om voorzieningen voor herstellingen en groot onderhoud af te trekken. Voorzieningen voor contractuele garantieverplichtingen of ontslaguitkeringen zijn wel nog steeds aftrekbaar.

Dit geldt in principe slechts voor voorzieningen aangelegd vanaf 1 januari 2018. Echter, vennootschappen die - in functie van de tariefdaling – nog voorzieningen aanleggen voor boekjaar 2017, zullen bij de latere terugname altijd belastbaar zijn aan 33,99%.

De Commissie voor Boekhoudkundige Normen publiceerde onlangs een ontwerpadvies over de boekhoudkundige aspecten van voorzieningen. Het feit dat er boekhoudkundig de mogelijkheid/verplichting is om een voorziening aan te leggen, heeft geen impact op de fiscale aftrekbaarheid.

Vooruitbetaalde kosten

Het boekhoudkundig 'matching'-principe linkt kosten aan het jaar waarop ze betrekking hebben. Kosten die vooruitbetaald worden, moeten aan het juiste boekjaar worden toegewezen via overlopende rekeningen. We denken hierbij aan vooruitbetaalde huur, verzekeringspremies of abonnementen die een periode dekken die het boekjaar overschrijdt.

Op basis van artikel 49 WIB'92 waren kosten die u in een boekjaar betaalt, onmiddellijk aftrekbaar (zelfs al hebben ze betrekking op een toekomstig tijdperk). Vanaf 2018 kan dit niet meer en geldt ook fiscaal dat kosten verbonden aan activiteiten of inkomsten van een volgend boekjaar slechts aftrekbaar zijn in dat volgend boekjaar.