Alternatieve beloningsvormen kunnen een belangrijk wapen zijn in de huidige ‘war for talent’, maar ook in het binden en betrekken van sleutelfiguren of bij bedrijfsopvolging. De Commissie voor Boekhoudkundige Normen (CBN) heeft recentelijk een advies gepubliceerd over de boekhoudkundige verwerking van gratis verstrekte aandelen. Een ideale gelegenheid om de fiscale behandeling van bonussen in de vorm van gratis aandelen nogmaals onder de aandacht te brengen. Bovendien besliste de wetgever om op te treden tegen bonusplannen van buitenlandse (groeps)vennootschappen die momenteel nog vaak onder de radar blijven.

Als werkgever kan u ervoor opteren om (bepaalde) werknemers te belonen met aandelen. Vaak gebeurt dit in de vorm van zogenoemde ‘Restricted Stock Units’ (of RSU’s). Een RSU is het recht om aan het einde van een bepaalde periode een aandeel te ontvangen, indien op dat ogenblik bepaalde voorwaarden zijn vervuld.

Laat ons vooreerst benadrukken dat deze toekenning van aandelen principieel gerelateerd is aan arbeidsprestaties en bijgevolg een belastbaar beroepsinkomen vormt. De vraag rijst dan wanneer de werknemer belast wordt en op welk bedrag.

Belastbaar tijdstip

De werknemer wordt belast op het ogenblik van de effectieve verwerving van de aandelen (‘vesting’) en dus niet – zoals bij aandelenopties – op het ogenblik van de toekenning van het eventuele recht op de aandelen (‘granting’).

Belastbaar bedrag

Het belastbaar voordeel is gelijk aan de werkelijke waarde van de verkregen aandelen op moment van verwerving / vesting, eventueel verminderd met de door de werknemer betaalde prijs. Wanneer de aandelen beursgenoteerd zijn, is dit uiteraard de beurswaarde. Is dit niet het geval, dan zal dit vaak de intrinsieke waarde zijn (i.e. het desgevallend op ‘verborgen min- of meerwaarden’ gecorrigeerde netto-actief gedeeld door het aantal aandelen).

Onder bepaalde voorwaarden (o.a. blokkering gedurende twee jaar) mag men rekening houden met een belastingvrije prijsvermindering van 20/120ste (of 16,67%). In dat geval is de waarde dus gelijk aan 100/120ste (of 83,34%).

Toekenning door buitenlandse onderneming

In multinationals worden zulke plannen vaak opgezet vanuit de buitenlandse moedervennootschap. De aandelen worden dan rechtstreeks in het buitenland toegekend, ook al vinden de arbeidsprestaties plaats in België. Indien de Belgische werkgever hierbij niet betrokken is, ontsnappen de voordelen vaak aan belastingheffing wegens gebrek aan informatie bij de Belgische fiscus. In hoofde van de buitenlandse onderneming bestaat immers geen wettelijke verplichting tot het betalen van bedrijfsvoorheffing of het opstellen van loonfiches. Dit is ook de fiscus niet ontgaan, die de laatste jaren de controle op deze buitenlandse plannen heeft opgevoerd. 

Een nieuwe wettelijke fictie moet er nu voor zorgen dat deze voordelen effectief belast worden. Vanaf 1 januari 2019 wordt de Belgische werkgever geacht de voordelen zelf te hebben toegekend en is hij verplicht de nodige fiches op te stellen. Indien de fiche niet, onvolledig of laattijdig wordt ingediend, riskeert de werkgever een boete van 10% van het toegekende voordeel. Vanaf 1 maart 2019 is de werkgever bovendien verplicht om bedrijfsvoorheffing in te houden.

Aanleg voorziening

Volgens de CBN (zie CBN-advies 2018/16, dd. 11 juli 2018) moet een Belgische werkgever die beslist om RSU’s toe te kennen, een voorziening aanleggen om het verschil te dekken tussen de huidige waarde van de aandelen en de waarde op het moment van vesting. Aangezien deze voorziening mogelijke minderwaarden op aandelen betreft, is deze principieel niet aftrekbaar.