Ingevolge het Koninklijk Besluit van 23 september 2020, is het niet langer voldoende voor vennootschappen en vzw’s om hun uiteindelijke begunstigden te registreren in het UBO-register. Vanaf nu moeten er eveneens ondersteunende documenten worden geüpload die aantonen dat de informatie met betrekking tot een uiteindelijke begunstigde “adequaat, nauwkeurig en actueel” is.
Ingevolge het tussen de Europese Unie (EU) en het Verenigd Koninkrijk (VK) gesloten terugtredingsakkoord (hierna: ‘TTA’) is het VK sedert 1 februari 2020 niet langer een lidstaat van de Europese Unie maar een “derde Staat”. Het TTA voorziet in een overgangsperiode tot 31 december 2020 tijdens dewelke het volledige Europese recht wel nog steeds van toepassing blijft. Dit houdt o.m. in dat de regels inzake werken en verblijven op het grondgebied van de EU of het VK, alsook de verordeningen inzake de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels integraal van kracht blijven tot aan het verstrijken van de overgangsperiode. Vanaf 1 januari 2021 gelden de fundamentele Europese beginselen inzake het vrij verkeer (o.a. personen en diensten) niet meer in het VK. Wij geven hierna een stand van zaken betreffende het recht op werken (en wonen) en de toepassing van het juiste sociale zekerheidsstelsel in het kader van grensoverschrijdende tewerkstelling tussen België en het VK.
Graag bespreken we kort het onderscheid tussen beiden en herhalen we een aantal basisprincipes inzake de fiscale aftrekbaarheid met het oog op de eindejaarsafsluiting.
Terwijl het land zich in lockdown bevond, heeft het Parlement op 16 april 2020 een reparatiewet gestemd inzake het op 1 mei 2019 in werking getreden Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV). Deze reparatiewet, die in werking is getreden op 6 mei 2020, gaat op het eerste zicht vooral over de omzetting van de Europese richtlijn inzake de bevordering van de langetermijnbetrokkenheid van aandeelhouders. In haar staart bevat deze wet evenwel diverse bepalingen inzake vennootschappen en verenigingen die een aantal niet onbelangrijke aanpassingen en reparaties aan het WVV doorvoeren. In deze korte bijdrage wordt niet ingegaan op de bepalingen inzake de richtlijn, noch op de louter technische/tekstuele wijzigingen die worden aangebracht door de reparatiewet. Wel geven we een kort overzicht van de verschillende meer ingrijpende wijzigingen.
Zoals in ieder decennium bracht de Internationale Kamer van Koophandel (ICC) ook in 2020 nieuwe Incoterms® (editie 2020) uit. Sinds 1 januari 2020 zijn de nieuwe Incoterms®2020 van toepassing.
Het aantrekken en aan zich binden van talent is nog steeds een essentiële uitdaging voor elke onderneming met groeiambitie. Naast een uitdagende jobinhoud, een duidelijk loopbaantraject, competitieve verloning, boni en benefits, kan er op een gegeven moment worden overwogen om echte sleutelmedewerkers (‘key persons’) (gradueel) te betrekken in de aandeelhoudersstructuur en/of om hen mee te laten delen in de uitkeerbare winsten van het bedrijf.
Vanaf 1 maart 2020 geldt een meldingsplicht voor werkgevers (dienstverrichters) en meldingsplichtige zelfstandigen uit landen binnen de Europese Economische Ruimte (EER) en Zwitserland, die in Nederland een tijdelijke opdracht uitvoeren. Zij moeten in het Nederlandse online meldloket onder meer aangeven welke werkzaamheden zij zullen verrichten, in welke periode en of zij werknemers meebrengen. De komst van alle gedetacheerde werknemers moet dus nu ook worden gemeld. Hiermee is Nederland het laatste buurland van België dat een meldingsplicht voor gedetacheerde werknemers en zelfstandigen invoert.
De wetgever heeft op 4 april 2019 het Wetboek van Economisch Recht (WER) gewijzigd om enkele beschermingsmechanismen in te voeren binnen B2B-relaties. Het doel van deze wetswijziging is om bij het handelen en contracteren tussen ondernemingen onderling de ‘zwakkere’ partijen te beschermen tegen misbruiken door de ‘sterkere’ partijen. Bijgevolg sluipen principes van het consumentenrecht binnen in de B2B-wereld. In een vorige editie gingen we in op wat wijzigt in verband met oneerlijke marktpraktijken. Hierna behandelen we de nieuwe regels voor wat betreft zogenaamde onrechtmatige bedingen.
Recent hebben de federale en regionale overheden maatregelen ter bestrijding van de coronacrisis (Covid-19 virus) uitgevaardigd. Gezien de omvang van deze crisis riskeren heel wat bedrijven in financiële moeilijkheden te geraken. Diverse steunmaatregelen moeten dienen om de economische gevolgen ervan te beperken. De voornaamste steunmaatregelen van de federale en regionale overheden worden hieronder opgesomd en toegelicht.
De Kruispuntbank van Ondernemingen (‘KBO’) is een databank van de FOD Economie waarin alle basisgegevens van ondernemingen en hun vestigingseenheden verzameld zijn. De KBO heeft een dubbel doel: de werking van de overheidsdiensten efficiënter maken en de administratieve procedures voor ondernemingen vereenvoudigen. Het mag dan ook duidelijk zijn dat de gegevens in de KBO correct en volledig moeten zijn. Het zijn de ondernemingen zelf die hierover moeten waken. Wie, wat, hoe, waarom? In deze bijdrage gaan we verder in op de verplichting voor ondernemingen om zich in te schrijven in de KBO.
Terbeschikkingstelling van werknemers door een werkgever ten voordele van een gebruiker is in België in principe strikt verboden (behoudens de wettelijke uitzonderingen, zoals interimarbeid). Optreden tegen illegale terbeschikkingstelling was tot voor kort evenwel een bevoegdheid van de inspectiediensten van het Toezicht Sociale Wetten. Wanneer de inspectiediensten van de RSZ dan werden geconfronteerd met situaties waarbij gedetacheerde werknemers illegaal ter beschikking werden gesteld van een Belgische gebruiker, konden ze zelf weinig doen. Dit gebrek aan slagkracht werd inmiddels verholpen doordat aan de RSZ-inspectiediensten bijkomende bevoegdheden werden toegekend.
De wetgever heeft op 4 april 2019 het Wetboek van Economisch Recht (WER) gewijzigd om enkele beschermingsmechanismen in te voeren binnen B2B-relaties. Het doel hierbij is om bij het handelen en contracteren tussen ondernemingen onderling de ‘zwakkere’ partijen te beschermen tegen misbruiken door de ‘sterkere’ partijen. Bijgevolg sluipen principes van het consumentenrecht binnen in de B2B-wereld.
Bij wet van 23 maart 2019 is het nieuw ‘Wetboek van vennootschappen en verenigingen’ (afgekort ‘WVV’) ingevoerd, dat in de plaats treedt van onder meer het bestaande Wetboek van vennootschappen en de Wet van 27 juni 1921 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de stichtingen en de Europese politieke partijen en stichtingen. We zoomen in op de gevolgen van het WVV voor de zogeheten ‘eenhoofdige vennootschappen’.
Op 1 mei 2019 is het nieuw wetboek van vennootschappen en verenigingen (afgekort ‘WVV’) in werking getreden. Voor bestaande VZW’s betekent dit dat de meeste regels op hen van toepassing zullen zijn vanaf 1 januari 2020. Via een statutenwijziging voor 1 januari 2020 kan er voor een vervroegde toepassing van het WVV worden gekozen (opt-in). Alleszins zullen alle bestaande VZW’s tegen uiterlijk 1 januari 2024 hun statuten in lijn moeten brengen met de bepalingen van het WVV. Bij de eerste statutenwijziging na 31 december 2019 zal dit eveneens moeten gebeuren (pull-in). We zoomen, in 12 bullet points, in op de belangrijkste nieuwigheden voor de VZW.
Het parlement heeft op 28 februari 2019 het nieuw Wetboek van vennootschappen en verenigingen (afgekort ‘WVV’) goedgekeurd, dat in de plaats zal treden van het bestaande Wetboek van vennootschappen en de VZW-Wet van 27 juni 1921. In deze bijdrage zoomen we in op de belangrijkste opportuniteiten die het nieuw WVV biedt voor de familiale vermogensplanning.
De nieuwe FAQ over het UBO-register is op 2 april 2019 gepubliceerd, waarin enkele voorheen onduidelijke situaties worden verhelderd.
