Voor legal advies houdt Fabrizio Santoro, financieel directeur bij Facilicom, korte lijnen met Grant Thornton. In ‘On a roll’ vertelt hij meer over dat partnerschap.
“Ontdek hoe u het belastbare voordeel alle aard (VAA) voor bedrijfswagens kunt berekenen voor inkomstenjaar 2026. Gebruik onze handige tool en krijg inzicht in de forfaitaire waardering van uw VAA.”
Vanaf 1 januari 2026 voert België een nieuwe meerwaardebelasting in, officieel de 'solidariteitsbijdrage' genoemd. Deze belasting is van toepassing op natuurlijke personen en VZW’s die meerwaarden realiseren op financiële activa zoals aandelen, obligaties, crypto-activa, goud en bepaalde levensverzekeringen. Historische meerwaarden tot eind 2025 blijven buiten schot. Het standaardtarief bedraagt 10%, met uitzonderingen voor aandeelhouders met een aanmerkelijk belang (progressieve tarieven) en interne meerwaarden (33%). Er zijn vrijstellingen voorzien tot 1 miljoen euro, en specifieke regels voor emigratie, waardebepaling en verliescompensatie. De maatregel heeft belangrijke implicaties voor vermogensplanning.
De wet van 23 maart 2019 tot invoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen en houdende diverse bepalingen biedt besloten vennootschappen, coöperatieve vennootschappen en naamloze vennootschappen de mogelijkheid om een elektronisch register van de effecten op naam van hun vennootschap bij te houden. Met effecten op naam worden tal van effectencategorieën bedoeld, zoals aandelen, obligaties, ...
In deze bijdrage bespreken we kort de ontslagbescherming van kandidaten, die ingaat op dag X-30 (de zogenaamde ‘occulte’ beschermingsperiode die zich situeert in januari 2020). Het is echter geen allesomvattend overzicht inzake de ontslagbescherming van kandidaten.
Bij wet van 23 maart 2019 is het nieuw ‘Wetboek van vennootschappen en verenigingen’ (afgekort ‘WVV’) ingevoerd, dat in de plaats treedt van onder meer het bestaande Wetboek van vennootschappen en de Wet van 27 juni 1921 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de stichtingen en de Europese politieke partijen en stichtingen. We zoomen in op de gevolgen van het WVV voor de zogeheten ‘eenhoofdige vennootschappen’.
Het huidige btw-stelsel werd ingevoerd in 1993 en was bedoeld als tijdelijke overgangsregeling naar een definitief btw-stelsel. Dit definitieve stelsel zal gebaseerd zijn op het beginsel van belastingheffing in de lidstaat van de bestemming van de goederen en diensten en niet langer in de lidstaat van oorsprong, zoals oorspronkelijk in 1993 voorzien. In het proces van de evolutie naar dit definitieve stelsel publiceerde de Europese Commissie op 7 april 2016 een actieplan en maakte in opvolging daarvan op 4 oktober 2017 een stappenplan op om te komen tot een gemeenschappelijke btw-ruimte in de EU.
Het is geen geheim dat het management van heel wat bedrijven in handen is van een andere vennootschap. Ofwel gaat het dan over de zogenaamde managementvennootschap van de bedrijfsleider (of andere leden van het hoger management), ofwel over een andere vennootschap binnen een grotere groep. Vaak wordt deze vennootschap zelfs benoemd tot bestuurder of zaakvoerder en ontvangt zij ook bestuurdersvergoedingen en/of tantièmes. Deze werkwijze is vaak fiscaal geïnspireerd, maar vereist de nodige voorzichtigheid. In 2016 lichtten we reeds de voornaamste aandachtspunten toe. Ingevolge een aantal recente evoluties achtten wij het zinvol deze te herhalen en aan te vullen.
Sinds de inwerkingtreding van het nieuwe vennootschapsrecht op 1 mei onderging de BVBA een volledige metamorfose en werd de BV (besloten vennootschap). Eén van de belangrijkste wijzigingen is ongetwijfeld de afschaffing van het maatschappelijk kapitaal. Maar wat zijn de fiscale gevolgen hiervan?
België heeft op het vlak van waardebepalingen noch een specifieke wetgeving, noch een specifieke erkenning. Iedereen die zich geroepen voelt, kan waarderingen afleveren, waardoor de kwaliteit van het geleverde werk vaak wisselend is. Om de kwaliteit van waardebepalingen te verbeteren, werd het International Valuation Standards Council (hierna IVSC) opgericht. Deze organisatie is een onafhankelijke non-profit vereniging waarin onder meer de voornaamste accountancybedrijven (zoals Grant Thornton) en professionele waarderingsorganisaties zetelen. Recent stelde het IVSC een standaard op met ‘best practices’.
Door de invoering van het eenheidsstatuut voor arbeiders en bedienden zijn de ontslagvergoedingen voor beide categorieën gelijkgetrokken. Dit leidde tot een stijging van de verschuldigde vergoedingen bij ontslag. Ter compensatie van deze bijkomende (potentiële) kost werd – naar Belgische gewoonte – een nieuwe en ingewikkelde belastingvrijstelling in het leven geroepen: de ‘vrijstelling voor sociaal passief’.
Als groeiadviseurs brengen wij u elk kwartaal nieuwe inzichten over financiële en fiscaal-juridische topics
U heeft wellicht reeds gehoord van CEO-fraude. Maar bent u er zich ook van bewust dat niet alleen grote ondernemingen het slachtoffer worden van deze vorm van oplichting?
Op 1 mei 2019 is het nieuw wetboek van vennootschappen en verenigingen (afgekort ‘WVV’) in werking getreden. Voor bestaande VZW’s betekent dit dat de meeste regels op hen van toepassing zullen zijn vanaf 1 januari 2020. Via een statutenwijziging voor 1 januari 2020 kan er voor een vervroegde toepassing van het WVV worden gekozen (opt-in). Alleszins zullen alle bestaande VZW’s tegen uiterlijk 1 januari 2024 hun statuten in lijn moeten brengen met de bepalingen van het WVV. Bij de eerste statutenwijziging na 31 december 2019 zal dit eveneens moeten gebeuren (pull-in). We zoomen, in 12 bullet points, in op de belangrijkste nieuwigheden voor de VZW.
Het parlement heeft op 28 februari 2019 het nieuw Wetboek van vennootschappen en verenigingen (afgekort ‘WVV’) goedgekeurd, dat in de plaats zal treden van het bestaande Wetboek van vennootschappen en de VZW-Wet van 27 juni 1921. In deze bijdrage zoomen we in op de belangrijkste opportuniteiten die het nieuw WVV biedt voor de familiale vermogensplanning.
Het afsluiten van een sale en lease-back overeenkomst met betrekking tot een onroerend goed, dat door een belastingplichtige in eerste instantie in (vrijgestelde) erfpacht wordt gegeven aan een financiële instelling (99 jaar), om het vervolgens onmiddellijk terug in (vrijgestelde) leasing te nemen (niet-opzegbare periode van 15 jaar en met aankoopoptie), leidt er niet automatisch toe dat de oorspronkelijk afgetrokken btw moet worden herzien door de belastingplichtige.
Wat zijn de gevolgen op het vlak van btw bij werken uitgevoerd door een belastingplichtige aan een gebouw dat hij huurt en die al dan niet geheel of gedeeltelijk worden vergoed door de verhuurder? Een Circulaire van 13 maart 2019 geeft toelichting en vervangt het vroegere administratieve standpunt. Een grondige screening van de huurovereenkomst en de concrete omstandigheden zullen moeten uitwijzen of er eventueel een btw-kost ontstaat voor huurder of verhuurder. moeten gebeuren tijdens of aan het einde van de huurovereenkomst, in functie van de situatie die zich voordoet. Er worden twee situaties onderscheiden.
Bij het runnen van uw bedrijf komt heel wat administratie kijken. Al deze boekhoudkundige en administratieve taken vragen aanzienlijk veel van uw tijd. Maar wat als u deze tijd voortaan kon gebruiken om u te focussen op wat echt telt: uw onderneming?
Als groeiadviseurs brengen wij u elk kwartaal nieuwe inzichten over financiële en fiscaal-juridische topics
