Op 6 april jongstleden werd de wet tot invoering van de belasting van meerwaarden op financiële activa goedgekeurd in de Kamer. De wet zelf zal – zoals aangekondigd – worden ingevoerd met ingang vanaf 1 januari 2026.
Filteren op:
Populaire onderwerpen
Boven het maaiveld
“Ontdek hoe u het belastbare voordeel alle aard (VAA) voor bedrijfswagens kunt berekenen voor inkomstenjaar 2026. Gebruik onze handige tool en krijg inzicht in de forfaitaire waardering van uw VAA.”
Sinds 1 januari 2026 is Peppol verplicht voor Belgische btw-plichtige ondernemingen in B2B. Ontdek wat verandert, voor wie de verplichting geldt, welke uitzonderingen er zijn en waarom een pdf-factuur risico’s kan meebrengen voor boetes en btw-aftrek.
Recente artikels
Het is geen geheim dat het management van heel wat bedrijven in handen is van een andere vennootschap. Ofwel gaat het dan over de zogenaamde managementvennootschap van de bedrijfsleider (of andere leden van het hoger management), ofwel over een andere vennootschap binnen een grotere groep. Vaak wordt deze vennootschap zelfs benoemd tot bestuurder of zaakvoerder en ontvangt zij ook bestuurdersvergoedingen en/of tantièmes. Deze werkwijze is vaak fiscaal geïnspireerd, maar vereist de nodige voorzichtigheid. In 2016 lichtten we reeds de voornaamste aandachtspunten toe. Ingevolge een aantal recente evoluties achtten wij het zinvol deze te herhalen en aan te vullen.
Sinds de inwerkingtreding van het nieuwe vennootschapsrecht op 1 mei onderging de BVBA een volledige metamorfose en werd de BV (besloten vennootschap). Eén van de belangrijkste wijzigingen is ongetwijfeld de afschaffing van het maatschappelijk kapitaal. Maar wat zijn de fiscale gevolgen hiervan?
België heeft op het vlak van waardebepalingen noch een specifieke wetgeving, noch een specifieke erkenning. Iedereen die zich geroepen voelt, kan waarderingen afleveren, waardoor de kwaliteit van het geleverde werk vaak wisselend is. Om de kwaliteit van waardebepalingen te verbeteren, werd het International Valuation Standards Council (hierna IVSC) opgericht. Deze organisatie is een onafhankelijke non-profit vereniging waarin onder meer de voornaamste accountancybedrijven (zoals Grant Thornton) en professionele waarderingsorganisaties zetelen. Recent stelde het IVSC een standaard op met ‘best practices’.
Door de invoering van het eenheidsstatuut voor arbeiders en bedienden zijn de ontslagvergoedingen voor beide categorieën gelijkgetrokken. Dit leidde tot een stijging van de verschuldigde vergoedingen bij ontslag. Ter compensatie van deze bijkomende (potentiële) kost werd – naar Belgische gewoonte – een nieuwe en ingewikkelde belastingvrijstelling in het leven geroepen: de ‘vrijstelling voor sociaal passief’.
Als groeiadviseurs brengen wij u elk kwartaal nieuwe inzichten over financiële en fiscaal-juridische topics
U heeft wellicht reeds gehoord van CEO-fraude. Maar bent u er zich ook van bewust dat niet alleen grote ondernemingen het slachtoffer worden van deze vorm van oplichting?
Op 1 mei 2019 is het nieuw wetboek van vennootschappen en verenigingen (afgekort ‘WVV’) in werking getreden. Voor bestaande VZW’s betekent dit dat de meeste regels op hen van toepassing zullen zijn vanaf 1 januari 2020. Via een statutenwijziging voor 1 januari 2020 kan er voor een vervroegde toepassing van het WVV worden gekozen (opt-in). Alleszins zullen alle bestaande VZW’s tegen uiterlijk 1 januari 2024 hun statuten in lijn moeten brengen met de bepalingen van het WVV. Bij de eerste statutenwijziging na 31 december 2019 zal dit eveneens moeten gebeuren (pull-in). We zoomen, in 12 bullet points, in op de belangrijkste nieuwigheden voor de VZW.
Het parlement heeft op 28 februari 2019 het nieuw Wetboek van vennootschappen en verenigingen (afgekort ‘WVV’) goedgekeurd, dat in de plaats zal treden van het bestaande Wetboek van vennootschappen en de VZW-Wet van 27 juni 1921. In deze bijdrage zoomen we in op de belangrijkste opportuniteiten die het nieuw WVV biedt voor de familiale vermogensplanning.
Het afsluiten van een sale en lease-back overeenkomst met betrekking tot een onroerend goed, dat door een belastingplichtige in eerste instantie in (vrijgestelde) erfpacht wordt gegeven aan een financiële instelling (99 jaar), om het vervolgens onmiddellijk terug in (vrijgestelde) leasing te nemen (niet-opzegbare periode van 15 jaar en met aankoopoptie), leidt er niet automatisch toe dat de oorspronkelijk afgetrokken btw moet worden herzien door de belastingplichtige.
Wat zijn de gevolgen op het vlak van btw bij werken uitgevoerd door een belastingplichtige aan een gebouw dat hij huurt en die al dan niet geheel of gedeeltelijk worden vergoed door de verhuurder? Een Circulaire van 13 maart 2019 geeft toelichting en vervangt het vroegere administratieve standpunt. Een grondige screening van de huurovereenkomst en de concrete omstandigheden zullen moeten uitwijzen of er eventueel een btw-kost ontstaat voor huurder of verhuurder. moeten gebeuren tijdens of aan het einde van de huurovereenkomst, in functie van de situatie die zich voordoet. Er worden twee situaties onderscheiden.
Bij het runnen van uw bedrijf komt heel wat administratie kijken. Al deze boekhoudkundige en administratieve taken vragen aanzienlijk veel van uw tijd. Maar wat als u deze tijd voortaan kon gebruiken om u te focussen op wat echt telt: uw onderneming?
Als groeiadviseurs brengen wij u elk kwartaal nieuwe inzichten over financiële en fiscaal-juridische topics
Sinds 1 januari 2019 is het onder bepaalde voorwaarden mogelijk om de onroerende verhuur optioneel aan btw te onderwerpen. Tegelijkertijd zorgde de betreffende wet van 14 oktober 2018 ook voor enkele aanpassingen op het vlak van de kortdurende verhuur en de verhuur van opslagruimte.
Tussen 11 en 24 mei 2020 worden er opnieuw sociale verkiezingen gehouden. Tijd dus om de voorbereiding alvast te starten. De eerste stap in de formele verkiezingsprocedure dient te worden gezet tussen 13 en 26 december 2019, afhankelijk van de door de onderneming gekozen datum voor deze vierjaarlijkse verkiezingen. Deze bijdrage strekt tot toelichting van een aantal basisprincipes en is geen allesomvattend overzicht. De Wet betreffende de komende sociale verkiezingen is gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 30 april 2019.
Op 1 maart 2019 is de regeling inzake het mobiliteitsbudget in werking getreden, een maatregel die kadert in het streven naar een milieuvriendelijkere fiscaliteit. Vorig jaar heeft de regering reeds een eerste alternatief gelanceerd met de ‘mobiliteitsvergoeding’, waarbij een werknemer zijn bedrijfswagen kan inruilen tegen een gunstig belaste vergoeding (‘cash for car’). Nu is er dus een tweede alternatief in de vorm van het ‘mobiliteitsbudget’. Het concept is gelijkaardig, nl. de werknemer levert zijn bedrijfswagen in.
Een Belgisch rijksinwoner is verplicht om in zijn Belgische aangifte in de personenbelasting zijn wereldwijd inkomen aan te geven, zelfs wanneer dit buitenlands inkomen – op basis van de internationale richtlijnen – belast is in het buitenland. Het buitenlands inkomen wordt in dat geval wel vrijgesteld van belasting in België. Echter, voor de bepaling van het belastingtarief wordt het buitenlands inkomen wel in aanmerking genomen. Dit is de zogenaamde ‘vrijstelling met progressievoorbehoud’: de buitenlandse inkomsten worden op zich vrijgesteld, maar zorgen er wel voor dat de in België belastbare inkomsten zwaarder belast worden.
Vanaf 1 januari 2010 is de tariefverlaging van 21% naar 12% van toepassing op restaurant- en cateringdiensten, het verschaffen van dranken daaronder niet begrepen. De beslissing nr. E.T.117.557 van 23.12.2009 vormde de eerste administratieve commentaar daarop. Met de Circulaire van 4 april 2019 wordt die publicatie in haar geheel geactualiseerd. Deze Circulaire vormt eveneens een aanvulling op de eerdere Circulaire van 6 november 2017 betreffende het geregistreerd kassasysteem, waar het onderscheid tussen een levering van spijzen en/of dranken en een restaurant- of cateringdienst reeds aan bod kwam. De nieuwe Circulaire behandelt eveneens het toepasselijk btw-tarief op menu’s.
Naar aanleiding van de wetswijziging van 29 november 2017 en de diverse recente Europese arresten met betrekking tot de kwalificatie van een “zeeschip” en de toepassing van de btw-vrijstelling in schakels voorafgaand aan de leveringen aan een “zeeschip”, werd op 29 mei 2019 uiteindelijk in België een nieuw administratief rondschrijven opgemaakt, dat de oude aanschrijving n° 24 van 1978 wijzigt en aanvult. De nieuwe regeling poogt daarmee zo pragmatisch mogelijk een correcte toepassing van de btw-wetgeving binnen de maritieme sector te verzekeren.
De nieuwe FAQ over het UBO-register is op 2 april 2019 gepubliceerd, waarin enkele voorheen onduidelijke situaties worden verhelderd.
De wijziging inzake het voordeel alle aard voor het ter beschikking stellen van een gratis woonst werd uitgebreid toegelicht in een eerdere blog. We willen echter bijkomend de aandacht vestigen op een recent vonnis van de rechtbank van eerste aanleg te Gent van 31 januari 2019. De rechtbank oordeelt er dat de rechtspraak die de berekeningswijze van het voordeel veroordeelt, een “nieuw feit” kan uitmaken. Het gevolg van deze rechtspraak? De slaagkansen op een succesvolle terugvordering van de teveel betaalde belasting wegens de terbeschikkingstelling van een gratis woonst via de ambtshalve ontheffing zijn vergroot. Momenteel gaat het wel om alleenstaande rechtspraak. De toekomst brengt wellicht meer duidelijkheid.
Zoals u vast al heeft vernomen, heeft het parlement op 28 februari 2019 het nieuw ‘Wetboek van vennootschappen en verenigingen’ (afgekort ‘WVV’) goedgekeurd, dat in de plaats zal treden van het bestaande Wetboek van vennootschappen en de Wet van 27 juni 1921 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de stichtingen en de Europese politieke partijen en stichtingen. In deze bijdrage zoomen we in op de nieuwigheden inzake winstuitkering in de opvolger van de BVBA, met name de besloten vennootschap (BV).
Op 29 maart 2019 om middernacht zal het Verenigd Koninkrijk (UK) de EU verlaten. Als er een akkoord voor de uitstap is, dan volgt er een overgangsperiode van 30.03.2019 tot 31.12.2020. Tijdens die periode wordt het Verenigd Koninkrijk nog verder beschouwd als een EU-lidstaat en verandert er dus niets tot en met 31.12.2020. Is er geen akkoord (‘no deal Brexit’), dan wordt het Verenigd Koninkrijk vanaf 30.03.2019 beschouwd als een derde land. Ondernemingen die handel drijven met de UK, dienen zich dan ook voor te bereiden om zo weinig mogelijk verstoringen van de handelsstromen te voelen.
In een mededeling van 9 januari jl. geeft de Administratie toelichting bij enkele punten uit de nieuwe regeling inzake de optionele btw-heffing op professionele onroerende verhuur. Het betreft enerzijds een verduidelijking van de gebouwen die in aanmerking komen voor de nieuwe regeling (oprichting na 1.10.2018) en anderzijds de wijze waarop en welke historische btw uit 2018 kan gerecupereerd worden.
Richtlijn 2016/1065 over de btw-behandeling van vouchers moest in principe uiterlijk op 31 december 2018 zijn omgezet naar Belgisch recht. Door de val van de regering eind 2018 kon het betreffende wetsontwerp nog niet goedgekeurd worden. Intussen is dit wel gebeurd. De nieuwe regels werden inmiddels via FAQ in een Circulaire 2018/C/127 van 7 december 2018 reeds toegelicht.
In het Belgisch recht bestond er tot voor kort geen algemeen en homogeen juridisch kader om bedrijfsgeheimen te beschermen. Afhankelijk van de situatie werd een zogenoemde ‘schending van bedrijfsgeheimen’ beschouwd als een overtreding van de Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten (meer specifiek artikel 17, 3°), als een daad van oneerlijke concurrentie of als een overtreding van de zorgvuldigheidsnorm, wat dan weer aanleiding gaf tot buitencontractuele aansprakelijkheid. Ook in andere EU-lidstaten bestond er een gefragmenteerd beleid voor de bescherming van bedrijfsgeheimen. Omwille van het toegenomen risico op onrechtmatige verkrijging van bedrijfsgeheimen en het gebrek aan geharmoniseerde juridische bescherming van bedrijfsgeheimen op Europees niveau, werd er een Europese richtlijn uitgewerkt om hieraan tegemoet te komen. Deze Europese richtlijn werd omgezet naar Belgisch recht in de Wet betreffende de bescherming van bedrijfsgeheimen , waarvan de krachtlijnen hierna worden weergegeven.
Alternatieve beloningsvormen kunnen een belangrijk wapen zijn in de huidige ‘war for talent’, maar ook in het binden en betrekken van sleutelfiguren of bij bedrijfsopvolging. De Commissie voor Boekhoudkundige Normen (CBN) heeft recentelijk een advies gepubliceerd over de boekhoudkundige verwerking van gratis verstrekte aandelen. Een ideale gelegenheid om de fiscale behandeling van bonussen in de vorm van gratis aandelen nogmaals onder de aandacht te brengen. Bovendien besliste de wetgever om op te treden tegen bonusplannen van buitenlandse (groeps)vennootschappen die momenteel nog vaak onder de radar blijven.
Ons Women in business rapport van 2019 laat zien dat het aantal vrouwen in leidinggevende posities wereldwijd stijgt. Het totaal aandeel vrouwen in managementteams is gestegen van 24 procent naar 29 procent.
De spelregels inzake (het belastingvrij uitkeren van) kapitaalverminderingen zijn grondig gewijzigd (art. 18 WIB’92). De fiscale gevolgen zijn nu afhankelijk van de samenstelling van het volledig eigen vermogen, en de vrije keuze welke elementen worden uitgekeerd, is afgeschaft. De fiscus heeft ondertussen een en ander verduidelijkt (circulaire 2018/C/103 dd. 2/8/2018). Om onaangename verrassingen te vermijden, overlopen we kort de belangrijkste aandachtspunten.
De forfaitaire waardering van het voordeel voor de terbeschikkingstelling in de woning werd eerder in de rechtspraak veroordeeld. Om de bestaande discriminatie op te lossen, was een aanpassing van de formule nodig. Eind 2018 besliste men om voortaan een vermenigvuldigingsfactor 2 te hanteren, ongeacht door wie de woning ter beschikking wordt gesteld en ongeacht de hoogte van het kadastraal inkomen (KI).
De Algemene Verordening Gegevensbescherming, beter bekend als de GDPR, is sedert 25 mei 2018 van kracht. Na de hype in de eerste helft van 2018 lijkt de rust intussen weergekeerd. Hoewel heel wat ondernemingen stappen in de richting van GDPR compliance hebben gezet, blijkt er toch nog heel wat werk aan de winkel.
De deadline voor de registratie, die lag op 31 maart, is nogmaals uitgesteld tot 30 september 2019.
Indien u aangifteplichtig voor de Intrastat-verzendingen (uw intra-EU-uitvoer), dan zal u vanaf 2019 (de aangifte van 20 februari 2019) twee bijkomende velden moeten invullen. Voor de aangifte van Intrastat-aankomsten uit andere lidstaten (uw intra-EU-invoer) verandert er daarentegen niets.
Veel ondernemers botsen tegen de vraag wat de Brexit voor hun bedrijf kan betekenen. Inmiddels tikt de klok echter onverbiddelijk verder en veel tijd is er niet meer tot 29 maart 2019. Op deze datum wordt de Brexit officieel en zijn er maar twee scenario’s mogelijk: ofwel is er een ‘deal’, ofwel is er ‘no deal’.
Werknemers die op buitenlandse dienstreis of -opdracht gaan, kunnen een forfaitaire dagvergoeding ontvangen die vrijgesteld is van belastingen en socialezekerheidsbijdragen. Het bedrag van de vergoeding is gebaseerd op de ‘verblijfsvergoedingen’ toegekend door de FOD Buitenlandse Zaken. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen opdrachten van ‘korte duur’ (maximum 30 kalenderdagen) en ‘langdurige’ dienstreizen (méér dan 30 opeenvolgende kalenderdagen).
Als u morgen een auto-ongeval heeft en tijdelijk in coma raakt, wie zal dan uw onderneming besturen? Wat als u dement wordt, wie zal dan uw vermogen beheren? Als u zelf niets regelt en u wordt wilsonbekwaam, met name u bent niet meer in staat bepaalde handelingen te stellen of beslissingen te nemen, dan zal de rechter uw vermogen onder bewind plaatsen en vervolgens een bewindvoerder aanstellen. U heeft dan geen inspraak in de keuze van de bewindvoerder. Bovendien zullen bepaalde handelingen met betrekking tot uw vermogen, zoals schenkingen van privévermogen (zelfs gemeenschapsgoederen), niet meer mogelijk zijn omdat u uw persoonlijke wil niet meer kan uitdrukken.
De onlangs gepubliceerde Administratieve Instructies voor het derde kwartaal van 2018 tonen aan dat de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ) een verruimde interpretatie geeft aan het begrip ‘loon’ voor de heffing van socialezekerheidsbijdragen. De RSZ vult de term 'ten laste van de werkgever' ruimer in. Voordelen die door een derde partij, die niet de werkgever is, rechtstreeks worden toegekend aan werknemers, zonder tussenkomst van de werkgever, kunnen door de RSZ als loon worden beschouwd. Wij gaan dieper in op de termen ‘loon’ en ‘ten laste van de werkgever’ en op de gevolgen van de uitgebreide interpretatie.
Vrijwel elke organisatie heeft procedures en instructies ter ondersteuning van de dagelijkse operatie. Aanzienlijk minder organisaties hebben echter ook procedures voor momenten dat het niet ´business as usual´ is. Denk aan verstoringen in de bedrijfsvoering, bedreigingen en crisissituaties. Dit is zeer opmerkelijk aangezien juist dan heldere instructies goed van pas komen. Een crisissituatie maak je tenslotte niet elke dag mee. Dergelijke continuïteitsprocedures kunnen worden vastgelegd in een “Business Continuity Plan” (“BCP”). Business continuity is dan ook niet langer een ‘nice-to-have’. Het is een ‘need-to-have’ geworden.
Facturen moeten opgesteld worden in de taal van het rechtsgebied waarin de exploitatiezetel van de onderneming is gevestigd, maar een recente wijziging van de regelgeving hieromtrent biedt enige flexibiliteit. Voor de algemene voorwaarden die vaak bij een factuur worden toegevoegd, gelden er dan weer andere regels.
We begin this first edition of 2018 by considering the potential effect of the recent US tax reforms on IFRS preparers with operations in America. We also remind readers of the key aspects of the two major new Standards coming into effect on 1 January 2018 (IFRS 9 ‘Financial Instruments’ and IFRS 15 ‘Revenue from Contracts with Customers’) and take a look at issues that are currently attracting regulators’ attention.
Door een optionele btw-heffing op de professionele verhuur van onroerend goed (met aftrek van btw) wil de regering tegemoetkomen aan de negatieve gevolgen. Tegelijkertijd wordt van de gelegenheid gebruik gemaakt om ook de btw-behandeling voor andere vormen van verhuur van onroerend goed aan te passen. De regering heeft daartoe op 31 juli 2018 het nieuwe wetsontwerp ingediend bij de kamer. De stemming in het parlement wordt verwacht voor september/oktober 2018. Tijd voor een update.
De nieuwe anti-witwaswet is op 16 oktober 2017 in werking getreden. Het was wachten op een Koninklijk Besluit waarin de wijze waarop de informatie zou verzameld worden, alsook de verdere details betreffende de toegang en de aanwending van de gegevens in het UBO-register verder werden uitgewerkt. Op 14 augustus 2018 werd dit KB in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad gepubliceerd.
Na een proces van lange adem is de nieuwe Pandwet op 1 januari 2018 in werking getreden. De Pandwet kan als een kleine copernicaanse omwenteling worden beschouwd: door de invoering van een bezitloos pand en een pandregister wordt het zakelijk karakter van het pand losgelaten. Bovendien wordt de toepassing van het eigendomsvoorbehoud verruimd en veralgemeend. Door de Pandwet lijkt ook in het zekerheidsrecht de weg van de modernisering te zijn ingeslagen.
Voor vele ondernemingen is het werken met de cloud en de opslag van data in de cloud dagelijkse business. Door het gebruik van de cloud verliest uw onderneming echter voor een deel de controle over haar data en is zij aangewezen op de handelingen of het nalaten ervan van haar ICT-providers. Met de volgende tips en tricks zorgt u ervoor dat de cloud-omgeving van uw onderneming GDPR-compliant is.
Onder de huidige regeling is de ‘verhuur’ van onroerende goederen vrijgesteld van btw, wat tot gevolg heeft dat de opgelopen btw met betrekking tot de verkrijging, oprichting of verbouwing van het onroerend goed niet aftrekbaar is. Daardoor is de niet aftrekbare btw een onderdeel van de kostprijs van het verhuurde onroerend goed, wat normalerwijze aanleiding zal geven tot een verhoogde huurprijs. Een optionele btw-heffing op de verhuur van onroerend goed zou aldus wel btw-aftrek kunnen genereren en tegemoetkomen aan deze negatieve gevolgen.
Voor heel wat bedrijven stoppen de activiteiten niet aan de landsgrenzen. Echter, wanneer werknemers worden uitgezonden naar een ander land, roept dit zowel bij de expats als bij de werkgever vele vragen op. Welk arbeids- en socialezekerheidsrecht is van toepassing? Waar zijn belastingen verschuldigd? Zijn er werk- of andere vergunningen of formaliteiten vereist? Moet er al dan niet een payroll worden opgezet? Zijn er mogelijkheden tot optimalisatie? Om buitenlandse investeerders en multinationals aan te trekken, voorzien de meeste landen bovendien in een gunstregime voor buitenlandse werknemers. Deze regimes verlagen de fiscale druk op de lonen van bepaalde buitenlandse personeelsleden zodat de loonkost voor de werkgever daalt.
De Minister van Financiën heeft onlangs aan de administratie opdracht gegeven om een nieuw boetebeleid inzake btw uit te werken. Vooral de in 2012 verhoogde niet-proportionele boetes waren vaak veel te streng. Niet alleen zijn deze boetebedragen hoog, er wordt ook geen rekening gehouden met de aard van de overtreding. Volgens de Minister moet er worden uitgegaan van de goede trouw van de ondernemer en niet langer enkel van de kwade trouw.
Het erfrecht wijzigt op 1 september 2018 en dat plaatst de fiscale optimalisatie van het vermogen meteen weer extra in de kijker. Welke acties dienen we bijkomend te nemen? En hebben de reeds genomen acties nog steeds de gewenste uitwerking als we rekening houden met de nieuwe regels?
Informatie en kennis zijn vaak het belangrijkste bezit van een organisatie. Onderzoek toont aan dat organisaties cybercrime als een groot risico beschouwen. Desondanks staat bij velen onder hen verbazingwekkend genoeg de informatiebeveiliging nog niet helemaal op punt. Graag geven we u enkele basisprincipes van de internationale standaard, ISO 27001, mee die voor elke organisatie van toepassing zijn. De ISO 27001 bevat richtlijnen in verband met informatiebeveiliging. Centraal staat het behouden van de vertrouwelijkheid, integriteit en beschikbaarheid van informatie.
De meeste bedrijfsovernames worden gerealiseerd door gebruik te maken van een overnamestructuur. Klassiek wordt hierbij een nieuwe vennootschap opgericht (vaak onder de werkbenaming newco of spv), die, naast het nodige eigen vermogen, een substantiële banklening aangaat. De financierende bank wenst zich uiteraard zoveel mogelijk in te dekken met waarborgen. Aangezien newco meestal weinig andere activa heeft dan de aandelen van de overgenomen vennootschap, dient zij zich in dit scenario vaak tevreden te stellen met een aandelenpand. Menig bank tracht dit op te lossen door een zogenaamde debt push down, waarbij de lening of een deel ervan wordt toegekend aan de overgenomen vennootschap.
Door de Wet van 27 april 2018 houdende de hervorming van het ondernemingsrecht zal de maatschap voortaan als een onderneming worden beschouwd. Dit heeft een aantal belangrijke juridische en boekhoudkundige gevolgen.
